Geplaatst op Geef een reactie

De sluier wordt dun – de oude wortels van Halloween, Allerheiligen en Allerzielen

Er waait een andere wind rond deze tijd van het jaar. De bomen laten los, het licht trekt zich terug, en ergens diep in ons lichaam weten we: het is de tijd van sterven. Niet als einde, maar als doorgang.

Lang voor de kerk er namen aan gaf – Allerheiligen, Allerzielen – vierden de Kelten dit moment als Samhain. Het oude jaar stierf. De oogst was binnen, het land viel stil. De mensen trokken zich terug rond het vuur. Ze eerden hun voorouders, voelden de geesten die dichterbij kwamen, en wisten dat de sluier tussen de werelden dun was.

Bij de Germanen werd dit de Winternacht, het Disablót – een nacht om de dísir, de vrouwelijke vooroudergeesten, te eren. De winter stond voor de deur en hiermee kwam het donker en de stilte waarin de ziel weer kon ademen.

Wat wij nu “Halloween” noemen, is slechts een echo van dat oeroude weten. Een feest dat ooit ging over overgave, sterven en opnieuw geboren worden. Over het loslaten van wat niet langer leeft, en het eren van dat wat ons heeft voortgebracht.

De kerk zette er nieuwe namen op, maar de energie bleef dezelfde.
Allerheiligen. Allerzielen. Samhain.
Drie gezichten van één en hetzelfde mysterie.

Misschien voel jij het ook.
Dat iets in je geroepen wordt om stil te vallen.

Om terug te kijken.
Om te danken voor het pad dat je gegaan bent.
Om ruimte te maken voor het onbekende dat zich wil ontvouwen.

Het is de tijd om in het donker te durven zijn.
Om te sterven aan het oude beeld van jezelf.
Om het vuur aan te steken in je eigen hart.
Want daar, in dat diepe donker, ligt het zaad van het nieuwe leven al te wachten.

Op 31 oktober 2025 wordt een online ceremonie gehouden. Klik hier om je aan te melden.

Geplaatst op Geef een reactie

Het energetische bankboekje

Tussen mensen stroomt altijd energie. In een blik, in een aanraking, in een stilte. We hoeven er niets voor te doen – het gebeurt vanzelf. Je zou kunnen zeggen dat er een onzichtbaar boekje bestaat waarin elke uitwisseling wordt bijgeschreven. Een energetisch bankboekje.

Wanneer jij luistert met open hart, een woord van troost spreekt of eenvoudigweg aanwezig bent met al je aandacht, maak je een storting. Wanneer jij gedragen wordt door de liefde, steun of erkenning van een ander, wordt er in jouw boekje bijgeschreven.

Het lijkt simpel, maar de richting van de energie maakt alles uit.

𝗔𝗹𝘀 𝗱𝗲 𝘀𝘁𝗿𝗼𝗼𝗺 𝘃𝗮𝘀𝘁𝗹𝗼𝗼𝗽𝘁

Soms raakt de balans zoek.

Er zijn mensen die vooral nemen. Zij ontvangen keer op keer, maar vergeten de terugstroom. Alsof er steeds opnieuw van jouw bron gedronken wordt, zonder dat het water kan worden aangevuld.

Er zijn ook mensen die alleen maar geven. Zij blijven schenken, dragen, voeden. Maar wie nooit ontvangt, laat de cirkel onvolledig. Het lijkt gul, maar in wezen wordt de stroom geblokkeerd.

Beide kanten doen iets met de bedding van verbinding.

𝗩𝗮𝗻 𝗴𝗼𝗱𝗶𝗻 𝗻𝗮𝗮𝗿 𝗺𝗼𝗲𝗱𝗲𝗿

Je ziet dit ook vaak gebeuren in liefdesrelaties. Wanneer man en vrouw verliefd worden, wordt de vrouw in het begin behandeld als een godin. De man doet alles voor haar, draagt haar op handen, schenkt haar aandacht en aanbidding.

Maar na verloop van tijd verandert die dynamiek. De vrouw verschuift van godin naar moeder. Zij draagt het huishouden, de kinderen, de was, de boodschappen, het koken. De balans verschuift: waar eerst stortingen werden gedaan, worden nu vooral opnames gedaan. En vaak sluipt dit er langzaam in, zonder dat iemand het echt doorheeft.

𝗠𝗶𝗷𝗻 𝗲𝗶𝗴𝗲𝗻 𝗯𝗲𝗱𝗱𝗶𝗻𝗴

Ik herken vooral die tweede beweging. Altijd geven, altijd dragen. Het voelt veiliger dan uit te reiken.

Maar afgelopen week brak er iets in mij. Ik kon het niet langer alleen dragen en vroeg een vriendin om hulp. Zij kwam meteen. Haar aanwezigheid was eenvoudig, maar krachtig.

Later vertelde ze me dat dit voor haar een geschenk was. Dat ze eindelijk iets terug mocht geven. Dat ze zich gezien voelde in haar verlangen om ook van betekenis te zijn.

Toen besefte ik hoe vaak ik haar – en anderen – die kans onbewust heb ontnomen. Door alleen te storten en niet te durven ontvangen, hield ik de stroom tegen.

𝗛𝗲𝘁 𝘃𝗲𝗿𝘀𝗰𝗵𝗶𝗹 𝘁𝘂𝘀𝘀𝗲𝗻 𝗻𝗲𝗺𝗲𝗻 𝗲𝗻 𝗴𝗲𝘃𝗲𝗻

In tantra wordt dit prachtig zichtbaar. Stel je een oefening voor: de helft van de mensen draagt een blinddoek. De anderen lopen erlangs en kijken.

Waar kijk je vandaan? Vanuit bewondering, waardoor je de ander optilt en een storting doet? Of vanuit begeerte, waardoor je iets bij de ander weghaalt en een opname doet?

De intentie bepaalt de richting van de energie. En de ander voelt het, zelfs zonder woorden.

𝗘𝗲𝗻 𝗼𝗲𝗳𝗲𝗻𝗶𝗻𝗴 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝘄𝗶𝗲 𝘃𝗼𝗼𝗿𝗮𝗹 𝗼𝗻𝘁𝘃𝗮𝗻𝗴𝘁

Ben jij iemand die vaak uit het energetische bankboekje van een ander put? Probeer eens een week lang “ja” te zeggen op zowel directe als indirecte vragen.

Een directe vraag is eenvoudig: “Kun je me hier even bij helpen?”

Een indirecte vraag klinkt subtieler, bijvoorbeeld: “Wil je iets drinken?” Vaak betekent dit dat de ander jou wil dienen, maar zelf óók graag iets zou willen. Zeg dan niet alleen ja, maar sta op en haal voor jullie beiden wat te drinken.

Het gaat niet om het gebaar zelf, maar om het openen van de stroom. Jij kiest er bewust voor om energie terug te laten bewegen. Ik weet uit ervaring dat een week lang ‘ja’ zeggen iets moois oplevert, mits de ‘ja’ volledig onvoorwaardelijk is. Immers, je bent een tekort in het energetische bankboekje aan het bijvullen en je kunt niets opnemen als je iets terug wilt verwachten. Ik ben benieuwd wat jouw ervaring gaat worden.

𝗗𝗲 𝗰𝗶𝗿𝗸𝗲𝗹 𝘃𝗮𝗻 𝗼𝘃𝗲𝗿𝘃𝗹𝗼𝗲𝗱

Het energetische bankboekje vraagt ons om de dans van geven en ontvangen te eren. Niet als rekensom, maar als heilige cirkel.

Wanneer we beide polen toestaan – de gever en de ontvanger – ontstaat er stroming. Energie die zich vernieuwt, die overvloed schept. Dan is er geen leegte meer, maar een bedding waarin we elkaar optillen en dragen.

Ik ben benieuwd hoe dit voor jou resoneert. Herken jij jezelf meer in de gever of in de ontvanger? En hoe zorg jij ervoor dat de stroom van energie in jouw relaties in balans blijft? Deel je ervaring hieronder, zodat we elkaar kunnen inspireren.

Zou je een kort ritueel willen ontvangen om de stroom van jouw bankboekje weer in balans te brengen. Klik hier en download een prachtig ritueel om de balans van jouw energetisch bankboekje te herstellen.

foto: Jan Lakhdar Bensliman

Geplaatst op Geef een reactie

Mijn eerste zweethut – De poort naar een nieuwe reis

Tien jaar geleden zette ik voor het eerst voet in een zweethut. Niet zomaar, maar met een intentie. Ik wilde de organisatoren beter leren kennen, want ergens diep vanbinnen voelde ik dat ik met hen een Vision Quest wilde doen. Een sjamanistisch ritueel waarin je het oude laat sterven om je authentieke zelf meer ruimte te geven. Maar voor ik daar volmondig ‘ja’ op kon zeggen, moest ik voelen of dit de juiste bedding was. De zweethut zou mijn antwoord geven.

Ik had al zoveel verhalen gehoord over zweethutten – hoe heet het is, hoe intens het proces kan zijn, hoe mensen hun diepste stukken tegenkomen. Dus stond ik daar, als buitenstaander, een tikje afwachtend.

Het heilige vuur

Ik zag hoe Vuurhoedster met zorg en aandacht het vuur voorbereidde. Hoe het hout werd opgestapeld en hoe tevens de hut liefdevol met dekens werd toegedekt. De hut – symbool van de baarmoeder – waar we met wel 24 mensen in zouden gaan zitten. In mijn hoofd paste dat nooit.

Het vuur werd ontstoken. Trommels en gezang vulden de lucht terwijl mensen dansend rondom de houtstapel bewogen. Ik stond erbij en wist niet goed wat ik ervan moest vinden. Het was allemaal nieuw, anders, een beetje vreemd – en toch voelde ik me aangetrokken tot deze wereld.

De hut begon. Ronde na ronde zaten we daar, zwetend, zingend, klankend – in de hitte, in het donker. De geluiden, de vibraties, de stem van de groep brachten lagen in beweging hoewel ik die met woorden nauwelijks kan omschrijven. Tijdens een van de eerste rondes brak er zelfs een conflict uit – iemand vond dat het heter moest, een ander vond dat hij zich niet moest bemoeien met de watergieter. Normaal zou ik daar enorm door uit balans raken. Maar nu… kon ik het laten zijn. Ik bleef bij mezelf. Drie rondes lang gleed ik in een heerlijke flow. Appeltje-eitje, dacht ik nog.

Tot de vierde ronde.

De watergieter vroeg of we elkaar allemaal een hand wilden geven. We zaten twee rijen dik rondom de hete stenen. Ik stak mijn handen uit… en niemand vond de mijne. Daar zat ik dan. Koude billen op de vochtige lentebodem. Iemand voor me blokkeerde de warmte van de stenen. En daar, in dat donker, raakte iets ouds me. Hard. Een golf van vroeger overspoelde me: ik hoor er niet bij, ik mag niet meedoen, ik ben alleen. Moederziel alleen, in een overvolle hut.

De ronde eindigde. Iedereen ging naar buiten. Maar ik niet. Ik kon niet. Mijn proces was nog maar net begonnen. Pas later kroop ik de hut uit – als een wedergeborene. Buiten was het inmiddels donker. Het vuur brandde nog. En daar, in dat moment, zat ik naast een man die een arm om me heen sloeg. Stil, liefdevol. Ik mocht even landen, voelen, bijkomen.

Dát was het moment dat ik viel voor de ceremonie. Niet als iets groots of dramatisch, maar als een diepe, stille ‘ja’ van binnen. Ik wist: ooit mag ik daar zitten. Op de plek van de watergieter. Zonder precies te weten hoe of wanneer, maar wetende dat dit pad me riep.

Voor mij is de zweethut een mix van kerk, sauna en psychiater. Je uit je gebeden, je zweet je ziel schoon, je zingt je herinneringen wakker en je ontmoet je eigen demonen – en dat allemaal gedragen door de liefdevolle kracht van Moeder Aarde, het vuur, het water, de windrichtingen, de voorouders en meer. Inmiddels giet ik zelf al 8 jaar zweethutten en neem ik je graag mee op reis – naar de diepte, naar jezelf.

Waarom zou jij in de zweethut stappen?

De zweethut is geen gewone ervaring. Het is een reis naar binnen. Een plek waar je loslaat wat je niet meer dient, waar je je lichaam, geest en ziel zuivert, waar je mag zweten, bidden, voelen, herinneren wie je bent. In het donker van de hut vind je helderheid. Omringd door de warmte van de stenen, het gezang, de stilte, de ademhaling van de groep.

Je laat lagen vallen. Laat los en daarmee herinner jij je kracht. Voor wie verlangt naar verbinding – met zichzelf, met de aarde, met iets groters. Voor wie een intentie wil zetten, een proces wil markeren, of gewoon wil thuiskomen in zichzelf.

De zweethut is rauw. Eerlijk. Helend.

En misschien is het precies wat jouw ziel nu roept.

Kijk hier voor de eerste volgende datum

Geplaatst op Geef een reactie

Lilith, Eva en het vrouwelijke dat zich herinnert

Vandaag had ik een gesprek met een man. Een vriendelijk, oprecht gesprek. We hadden het over Lilith — en hij vroeg:

“Zij was toch die ongehoorzame vrouw?”. Een simpele vraag, ogenschijnlijk feitelijk. Maar ik voelde iets in mezelf bewegen.

“Is dat zo?” vroeg ik hem terug. “En vanuit wiens perspectief?”

Want Lilith is een vrouw van kracht en mysterie. In oude teksten, nog vóór Eva haar intrede doet in het Bijbelse verhaal, wordt Lilith genoemd als de eerste vrouw van Adam. Niet uit zijn rib genomen, maar net als hij, gevormd uit klei. Gelijkwaardig. Oorspronkelijk. Onafhankelijk.

En daar ligt misschien het ‘probleem’.

Lilith weigerde zich te onderwerpen. Ze voelde diep in zichzelf: dit klopt niet voor mij. Het paradijs, zoals het daar was, zou geen plek zijn waar zij haar waarheid kon leven. En dus vertrok ze. Niet uit opstandigheid, maar uit zelfkennis. Niet uit rebellie, maar uit trouw aan haar essentie.

Toch werd ze bestempeld als “ongehoorzaam”. Zo werkt dat vaak in verhalen geschreven vanuit een mannelijk perspectief — het vrouwelijke dat zich niet laat temmen wordt een bedreiging, een zonde, een mythe die men met een waarschuwing doorgeeft.

Maar laten we even kijken naar wie Lilith werkelijk is.

In de mythen wordt zij gezien als het symbool van vruchtbaarheid: ze baart honderd kinderen per dag. Tegelijk staat ze voor destructie — maar niet de destructie zoals we die kennen van oorlog, strijd en machtsspelletjes. Liliths destructie is cyclisch. Ze maakt ruimte voor iets nieuws. Denk aan bevallen: het lichaam scheurt, bloedt, transformeert. Er is pijn, er is verlies, maar dan… leven.

Destructie als creatiekracht.

Toen Lilith werd gevraagd terug te keren naar Eden en ze weigerde, dreigde men haar: “Dan doden we honderd van je kinderen per dag.”

Haar antwoord?

“Dan doe ik het zelf wel.”

Ze neemt verantwoordelijkheid. Niet uit kilheid, maar vanuit het diep besef dat echte keuzes consequenties dragen — en dat je pas echt vrij bent als je ook de gevolgen durft te dragen.

Tijd verstrijkt. Lilith verdwijnt naar de randen van het verhaal. En dan komt Eva.

Niet uit klei, maar uit Adam. Geen gelijkwaardigheid meer, maar afhankelijkheid. Het vrouwelijke wordt onderdanig gemaakt. Zorgend, dienend, zacht. Mooie kwaliteiten — zolang ze niet vervormen in zelfopoffering.

Want daar zijn we vandaag vaak nog mee verbonden. Vrouwen (en ook mannen) die zichzelf wegcijferen voor hun gezin, partner, werkgever. Dienstbaarheid die niet meer uit kracht komt, maar uit plicht. En zo verliezen we iets essentieels: het innerlijk weten, het intuïtieve ja of nee van Lilith.

En dan komt dat ene moment: Lilith keert terug naar Eden. Niet als de vrouw die ooit vertrok, maar als half vrouw, half slang. De verleidster. Ze fluistert Eva toe, nodigt haar uit te proeven van de verboden vrucht — kennis, bewustzijn, keuzevrijheid.

En wat gebeurt er?

Het vrouwelijke wordt opnieuw de schuld gegeven: “Zij heeft het paradijs verpest.” Maar niemand spreekt over Adam, die net zo goed at. Geen enkel woord over zijn verantwoordelijkheid.

Zo zie je hoe het verhaal geschreven werd — en herschreven mag worden.

Misschien is Lilith niet de demonische vrouw zoals men eeuwenlang vertelde. Misschien is zij het vergeten deel in ons allemaal dat weet wanneer iets niet klopt. Dat durft op te staan, te vertrekken, en de consequenties te dragen. Dat niet wil buigen, maar wil bloeien.

En misschien is Eva niet slechts de volgzame, maar ook degene die met moed kiest voor het pad van bewustzijn.

Misschien is het tijd dat we hen beiden omarmen. Lilith én Eva. Kracht én zorg. Intuïtie én liefde. Woede én compassie. Dienstbaarheid zonder zelfverlies. Vrijheid met verantwoordelijkheid.

En dit geldt niet alleen voor vrouwen.

Ook mannen dragen Lilith en Eva in zich.

Zij zijn ook opgegroeid in een wereld die hen leerde hoe een man “hoort” te zijn: sterk, rationeel, leidend. Maar wat als een man ook dienstbaar wil zijn — zonder dat dit zwakheid betekent? Wat als hij ook zijn intuïtie wil volgen, ook zijn grenzen wil bewaken, ook zijn zachtheid wil omarmen zonder zichzelf daarin te verliezen?

Mannelijke destructie is vaak gericht op controle, verovering, macht. Maar ook mannen mogen leren dat destructie iets creatiefs kan zijn — het afbreken van oude patronen, het laten gaan van verwachtingen, het durven voelen wat er echt speelt.

De weg terug naar het paradijs — naar innerlijke balans — loopt niet via één van de twee. Niet via Lilith óf Eva, maar Lilith én Eva. Niet via mannelijk óf vrouwelijk, maar via het mannelijke én vrouwelijke. Via het erkennen van álle delen in ons.

Want pas als we alle delen van onszelf omarmen, helen we ons verhaal.

En pas dan kunnen we het paradijs opnieuw betreden.

Bewust, vrij en in verbinding — met onszelf, met elkaar, en met de wereld om ons heen.

Geplaatst op Geef een reactie

Muren zijn geen grenzen

Muren en grenzen: de kunst van bewust zijn

Naar aanleiding van de vorige blog hier een nieuwe over muren en grenzen. Leef je met muren of met grenzen? Dit is een essentiële vraag, want de manier waarop je jezelf afbakent, bepaalt hoe je in het leven staat. Muren zijn gemaakt van angst; grenzen zijn een uitdrukking van liefde. Muren sluiten je op, grenzen laten je ademen.

Een muur is star. Het is een bevroren “nee” tegen de wereld. Je hebt het opgetrokken uit oude pijn, uit wantrouwen, uit ervaringen die je hebben geleerd dat openheid gevaarlijk is. Maar een muur isoleert. Achter een muur ben je alleen. Een muur geeft je het gevoel van veiligheid, maar die veiligheid is doods – als een kasteel zonder ramen, een gevangenis zonder uitzicht.

Grenzen daarentegen is levend, ademend. Een grens zegt: “Ik ben hier, en jij bent daar. Laten we elkaar ontmoeten, maar met respect.” Grenzen zijn flexibel, ze kunnen meebewegen met het moment. Ze zijn een spel tussen ja en nee, tussen openen en sluiten.

Als je muren hebt gebouwd, ben je afgesneden van de stroom van het leven. Je hebt jezelf omringd met bescherming, maar die bescherming verstikt je. Mensen kunnen je niet bereiken, en diep vanbinnen verlang je juist naar contact.

Grenzen daarentegen zijn een dans. Je voelt de energie van het moment en beslist of je dichterbij wilt komen of afstand wilt nemen. Een grens is geen verzet, maar een bewuste keuze. Het is een uitnodiging tot respect – voor jezelf en de ander.

Dus kijk naar binnen. Waar heb je muren opgetrokken? Waar verberg je je? Durf je muren af te breken en te vervangen door grenzen? Dit is geen kwestie van doen, maar van bewustzijn. Wees gewaar van je pantser, wees gewaar van je angst en adem. In die ademhaling ontstaat ruimte. Ruimte om te voelen, ruimte om te bewegen, ruimte om te zijn.

Grenzen laten het leven binnenstromen. Muren sluiten het buiten. De keuze is aan jou. Wees je bewust ervan: Muren zijn geen grenzen, het is een wijze van controle.

Wil je leren spelen met je grenzen? Kom dan naar de workshop op 26 april; Tantra ontmoet Sjamanisme. We nemen je mee op reis naar jezelf.